Classificaties uitgelegd
Kijkwijzer waarschuwt ouders en opvoeders tot welke leeftijd een televisieprogramma of film schadelijk kan zijn voor kinderen.
Kijkwijzer doet dat ten eerste met het geven van een leeftijdsaanduiding en daarnaast zijn er de pictogrammen die de reden van het advies aanduiden. Maar waarom is er gekozen voor de classificaties AL, 6, 9, 12 en 16 jaar? Welke schadelijke gevolgen kunnen geweld, angst, seks, discriminatie, drugs- en/of alcoholmisbruik en grof taalgebruik hebben op kinderen? Deze vragen zullen we hier beantwoorden.

Klik op hieronder op leeftijden of inhouden voor achtergrond informatie, voorbeelden en uitleg.



Mogelijk schadelijk voor kinderen onder de 12 jaar.

Binnen deze leeftijdscategorie 12 kunnen onder andere voorkomen: indringende, harde geweldsscènes zeer angstige/ lijdende mensen en ernstige of bloederige verwondingen/lijken. Verder kan er vaak seksueel taalgebruik of seksuele handelingen in voorkomen, een discriminerende uiting, en overmatig gebruik van alcohol/softdrugs of harddrugsgebruik.

Voorbeelden van films in deze categorie zijn: Twilight Saga en James Bond.

12 Jaar is voor Kijkwijzer een belangrijke leeftijdsindicatie voor geweld, angstaanjagende scènes, seksualiteit, discriminatie en drugsgebruik. Tussen de tien en twaalf jaar gaan kinderen op een andere manier naar de wereld kijken. Ze krijgen dan door dat mensen tot bepaalde maatschappelijke groepen behoren en dat deze groepen van elkaar verschillen (Hoffman, 2000). Vanaf deze leeftijd kunnen kinderen andere mensen en hun gedrag in het perspectief van hun maatschappelijke groep of positie plaatsen. Ook kunnen ze bepaald gedrag van mensen begrijpen en relativeren aan de hand van de context van hun maatschappelijke achtergrond (Hoffman, 2000).



Vanaf 10 jaar gaan kinderen ook steeds beter abstract denken, en krijgen ze oog voor de meer abstractere typen humor, zoals parodie, ironie en satire (McGhee, 1979; Selman, 1980). Kinderen van negen tot circa twaalf jaar kunnen ook een visuele representatie maken van wat zij zien en de abstracte betekenis daarvan inpassen in hun algemene (zij het nog beperkte) kennis van de wereld om hen heen. In deze leeftijdsfase worden kinderen ook vanwege hun emotionele vermogens meer kritisch over wat zij zien en horen. Zij verwachten daarom nu meer en meer overtuigende acteerprestaties, zoeken karakters met een psychologische gelijkenis aan henzelf en krijgen steeds meer behoefte aan ‘sociale lessen’ voor hun eigen sociaal-emotionele ontwikkeling. Mede door het abstracter denken zijn kinderen goed in staat de kern van de boodschap van een film te doorzien en verbanden te leggen tussen eerdere en latere scènes in mediaproducties. Ook laten zij zich niet langer door direct herkenbare bedreigingen beangstigen en gebruiken zij vaker dan jongere kinderen cognitieve middelen om de angst te reduceren. Zij kunnen dus hun angst beredeneren, het risico van (na)gespeelde bedreigingen inschatten en bij voldoende aanwijzingen voor de onechtheid ervan afstand nemen. Ten opzichte van pubers zijn de negen tot twaalfjarige kinderen echter toch nog makkelijker te beïnvloeden. Het duurt bijvoorbeeld tot circa het twaalfde jaar voor kinderen ook voldoende en beredeneerd afstand kunnen nemen van abstractere gevaren zoals oorlogsdreigingen in veraf gelegen landen of andere zeer realistisch ogende bedreigingen. Ook het gebruik van middelen, het voorkomen van discriminatie en het zien van seks kan bij kinderen onder de twaalf jaar nog tot ongewenste reacties en gevoelens leiden, doordat zij die inhouden nog niet goed kunnen plaatsen.