Classificaties uitgelegd
Kijkwijzer waarschuwt ouders en opvoeders tot welke leeftijd een televisieprogramma of film schadelijk kan zijn voor kinderen.
Kijkwijzer doet dat ten eerste met het geven van een leeftijdsaanduiding en daarnaast zijn er de pictogrammen die de reden van het advies aanduiden. Maar waarom is er gekozen voor de classificaties AL, 6, 9, 12 en 16 jaar? Welke schadelijke gevolgen kunnen geweld, angst, seks, discriminatie, drugs- en/of alcoholmisbruik en grof taalgebruik hebben op kinderen? Deze vragen zullen we hier beantwoorden.

Klik op hieronder op leeftijden of inhouden voor achtergrond informatie, voorbeelden en uitleg.



Uit onderzoek blijkt dat ouders graag geïnformeerd worden over discriminatoire uitingen in de media. Mede door de resultaten van dit consumentenonderzoek is discriminatie als inhoudscategorie in Kijkwijzer opgenomen. Kijkwijzer hanteert een brede definitie van discriminatie. Onder discriminatie verstaan we elke uiting waarin bepaalde bevolkingsgroepen als inferieur worden afgeschilderd op grond van ras, religie, huidskleur, sekse, nationaliteit of etnische afstamming.
 
Er kan onderscheid gemaakt worden tussen directe en indirecte discriminatie. Vormen van indirecte discriminatie zijn onder andere beledigen, pesten, fysiek bedreigen en aanvallen. Vormen van directe discriminatie zijn bijdragen aan negatieve stereotypering, oproepen tot discriminatie of bestaansrecht ontkennen (Tan, 2003). Kijkwijzer gaat uit van discriminatoire uitingen waarin opgeroepen wordt tot discriminatie van een groep in algemene termen. Een voorbeeld van directe discriminatie is een scène uit As Good As it Gets waarin de hoofdpersoon een Joods stel aantreft in een restaurant. De man en vrouw zijn druk in gesprek als de hoofdpersoon zegt: “Appetites are not as big as your noses, huh?” Seksisme of vrouwonvriendelijkheid valt ook onder discriminatie omdat personen op grond van geslacht als ondergeschikt worden behandeld. Onderzoek (Hansen & Hansen, 2000) wijst uit dat seksisme in de media op zowel jongens als meisjes mogelijk schadelijke effecten kan hebben.



Bijvoorbeeld het kijken naar videoclips kan bijdragen aan de vorming van seksistische attitudes. Seksisme wordt in de clips vaak in een positief daglicht geplaatst, het wordt uitgevoerd door idolen, hetgeen een belangrijke voorwaarde is voor grote media-effecten. Dit kan leiden tot negatieve attitudes ten aanzien van de vrouw (zie voor een overzicht, Hansen & Hansen, 2000; Nikken, (2009). Met name de zogenoemde ‘seksuele objectivering’ van de vrouw in videoclips krijgt in dit type onderzoek de aandacht. Met seksuele objectivering wordt bedoeld dat vrouwen in de clips worden gereduceerd tot een seksueel lustobject. Ze worden afgebeeld in een onderdanige en willige rol en hun enige functie is de mannelijke hoofdpersoon of het publiek te vermaken of seksueel op te winden. Blootstelling aan seksuele objectivering van vrouwen in de media blijken vooral meisjes in de vroege adolescentie negatief te beïnvloeden (Aubrey, 2006; Slater & Tiggemann, 2002). De objectivering van vrouwen in de clips kan verschillende effecten hebben. In de eerste plaats kunnen de seksistische normen die de clips verkondigen via een proces van priming ‘geïnternaliseerd’ worden. Dit kan bij zowel mannen als vrouwen gebeuren (Hansen & Hansen, 2000). Ook al lijkt onderzoek uit te wijzen dat seksisme in de media op zowel jongens als meisjes mogelijk schadelijke effecten kan hebben, blijft de vraag welke leeftijdsclassificaties het best passen bij deze mogelijk schadelijke effecten. Op basis van de literatuur naar identiteitsontwikkeling in de adolescentie, is er reden aan te nemen dat de preadolescentie en vroege adolescentie met name een gevoelige tijd is om seksistische en seksueel objectiverende normen over te nemen. De vroege adolescentie kenmerkt zich door grote onzekerheid over seksualiteit en de sekserol-identiteit. Wanneer seksisme verbonden moet worden aan een leeftijdsindicatie, lijkt de leeftijdscategorie 12 derhalve het meest geschikt. Een ander mogelijk schadelijk gevolg van discriminatie in audiovisuele media is dat kinderen deze handelingen als gewoon gaan beschouwen. Indien ze als stoer of macho worden voorgesteld, is het zelfs mogelijk dat ze als nastrevenswaardig worden gezien. Producties waarin gediscrimineerd wordt, krijgen in principe de classificatie 12, behalve indien de discriminatie geschiedt door een niet serieus te nemen personage met wie kinderen zich niet snel identificeren, of wanneer de discriminatie expliciet wordt afgeraden. Harddrugsgebruik en overmatig softdrugs en alcoholgebruik.